Jip en Janneke, Otje, Takkie, Zaza, Pluk en de Stampertjes uit Pluks Petteflet. Allemaal figuren uit kinderboeken die door de illustraties van Fiep Westendorp (1916-2004) tot leven zijn gebracht. De karakters leven voort omdat de boeken steeds opnieuw voorgelezen worden aan nieuwe generaties. Meer dan twintig jaar na haar overlijden staat Fiep Westendorp deze zomer in de schijnwerpers. Naast een recent verschenen biografie wijdt het Rijksmuseum in Amsterdam nu een tentoonstelling aan haar werk. Er zijn ongeveer 150 originele tekeningen van haar hand te zien: van haar werk voor de boeken van Annie M.G. Schmidt tot de illustraties voor de feministische vrouwenpagina van Het Parool. In die krant verschijnen in 1952 de eerste schetsen van Jip en Janneke, die zich ontwikkelden tot misschien wel het bekendste duo op de kinderboekenplank.
Westendorp wilde van kinds af aan illustrator worden. Ze studeerde aan de Koninklijke School voor Kunst, Techniek en Ambacht in Den Bosch, waar ze de enige vrouw was, en aan de kunstacademie in Rotterdam. Na de Tweede Wereldoorlog vestigde ze zich in Amsterdam. Daar werkte ze jarenlang voor verschillende opdrachtgevers als Vrij Nederland, Het Parool en commerciële klanten zoals KLM. Westendorp tekende altijd in opdracht.












