vandaag, 20:56In 1689 opende de eerste ijzergieterij van Nederland haar deuren in Gaanderen. Zij goten kanonskogels en huishoudelijke voorwerpen zoals pannen. In de eeuwen die volgden kwamen er langs de Oude IJssel in Nederland zeven gieterijen bij. Producten varieerden van kachels en badkuipen tot aan machineonderdelen. Begin april ging de laatste van de 8 ijzergieterij failliet. Hoe kon deze industrie, die meer dan 300 jaar lang zorgde voor innovatie en werkgelegenheid, ten onder gaan?Het is geen toeval dat er langs de oude IJssel zo veel gieterijen ontstonden. "Er zit hier veel ijzeroer( een soort ijzererts) in de bodem. Ook kalksteen, en houtskool voor het stoken van de hoogovens werd lokaal gewonnen. En dan was er natuurlijk de waterkracht van de rivier waarmee de blaasbalgen werden aangedreven." Aldus Peter van Toor, voorzitter van het Nederlands ijzermuseum. CampagneDe vader van Peter werkte in de DRU in Ulft. Deze ijzergieterij werd opgericht in 1754 en groeide uit tot de grootste in de regio. Op het hoogtepunt, halverwege de 20e eeuw, werkten er meer dan 1500 mensen en de Oude IJssel werd er zelfs voor omgelegd. Voordat de gieterij gemoderniseerd werd, was het afhankelijk van de waterstand. Van oktober tot mei was deze optimaal en konden ze gieten. Peter: "Die periode noemde ze een campagne. Er kon dus niet het hele jaar door gegoten worden, maar als de campagne aanbrak dan moest er dag en nacht gewerkt worden." De geschiedenis van ijzergieterijen langs de Oude IJsselLoyaalHet werk was zwaar. Maar medewerkers waren loyaal naar hun werkgever en de ambacht werd overgegeven van vader op zoon. Zo ook bij Stef Hermsen: "Mijn opa werkte hier, en later mijn vader en oom. Toen de fabriek in de jaren '70 van de vorige eeuw de deuren sloot was het aan mij om af te breken wat zij hadden opgebouwd." Nu geeft Stef rondleidingen op het DRU terrein. Tussen de gieterijen heerste geen moordende concurrentie. "Ze hadden zelfs afspraken met elkaar. Lonen werden vastgelegd en als je ruzie had met de baas, kon je niet naar een andere gieterij toe." Ook zorgden de bazen goed voor hun personeel. "Sommige gieterijen bouwden huisjes voor de arbeiders. Dorpen zoals Ulft, Gaanderen en Langerak zijn echt ontstaan door de gieterij", vullen Stef en Peter elkaar aan. Materiaal van de toekomstVan de ooit 100 gieterijen in Nederland zijn er nog een handjevol actief. Peter: "Gietijzer was ooit het materiaal van de toekomst. Voor het eerst ontstond massaproductie omdat je met mallen oneindig kon gieten."Vanaf halverwege de 19e eeuw moderniseren de fabrieken met stoommachines. Ze zijn nu niet meer afhankelijk van de stroom van de rivier. In de jaren '60 van de vorige eeuw beleefde de gietijzerindustrie langs de Oude IJssel haar hoogtepunt met in 1965 maar liefst 4500 werknemers. Het was de grootste werkverschaffer van de Achterhoek en de Liemers. Daarna gaat het snel slechter, omdat materialen als RVS en kunststof populair worden.VervalVanaf de jaren '70 vallen de eerste gieterijen om. In de jaren die volgen komen ook lageloonlanden zoals China op. Zij konden tot wel 60% goedkoper produceren. Dit, in combinatie met strengere milieuregels, maken het moeilijk voor de ijzergieterijen hier. Er vallen honderden ontslagen om de kosten te drukken en verduurzaming moet de vervuiling van de fabrieken verminderen. Het is niet genoeg. In het afgelopen half jaar gingen de laatste twee nog actieve gieterijen failliet: Gieterij Doesburg en Vulcanus in Langerak. Voortvloeiing uit de gietindustrieDe ijzergieterijen zijn dus van groot belang geweest voor de ontwikkeling van de regio. En hoewel ze allemaal zijn gestopt, zijn er wel andere andere industrieën uit voortgekomen. zo richtte de bedrijfsleider van DRU, Anton Tijdink, in 1948 ATAG op. ATAG begon als een kleine fabriek in Ulft waar verwarmingstoestellen werden gemaakt, maar groeide uit tot een multinational. Momenteel produceren zij verwarmingsvoorzieningen en keukenapparatuur. ATAG heeft hoofdkantoren in Lichtenvoorden en Duiven.'Het zat er aan te komen'Peter en Stef kijken met weemoed terug naar de gloriejaren. Stef: "Het zat er aan te komen. Er zijn gewoon andere methoden en we zijn ingehaald. Maar het is heel jammer. Er was ontzettend veel vakmanschap en liefde voor het werk." De heren hopen dat plekken zoals het DRU-terrein in stand worden gehouden om nieuwe generaties te leren over de ooit zo belangrijke nijverheid langs de Oude IJssel.