In het midden van een enorm complex van metalen gangen en trappen brandt een oven. Als je door een raampje naar binnen kijkt, zie je een oranje vuurmassa. Onderin ligt zand, vertelt directeur Gerd-Jan de Leeuw van energiebedrijf en mestverwerker BMC Moerdijk, wat de temperatuur in de oven stabiel houdt. Bovenin – elf verdiepingen hoog – haalt het vuur de 1.000 graden.
In deze ketel op het industrieterrein van Moerdijk wordt mest van kippen en kuikens omgezet in elektriciteit. De hitte produceert stoom die een turbine doet draaien. Dat genereert elektriciteit, die wordt gekocht en doorverkocht door energiebedrijf TTEP. Duurzame stroom voor zo’n 70.000 huishoudens. De Leeuw: „Van de kont van de kip tot het stopcontact.” De asdeeltjes die overblijven in het vuur bevatten onder meer fosfaat en kalium. Dat wordt weer verkocht als meststof en gaat per schip naar de akkerbouw in Frankrijk, België en het Verenigd Koninkrijk.
Tussen de duizenden vrachtwagens die in een lange stoet over de A16 en A17 trekken, zitten elke dag tientallen zestig vrachtauto’s afkomstig van vierhonderd kippenboeren uit heel Nederland. Zij komen bij BMC om droge mest te leveren, rechtstreeks van de boerderijen.
Buiten, bij de ingang, staat zo’n vrachtauto vol kippenmest. De chauffeur drinkt een kop koffie terwijl de lading wordt getoetst en gescand op losse stukjes metaal of touw. Is de kwaliteit goed, dan mag de lading door naar de oven. De installatie verwerkt 55 ton droge mest per uur.











