Het familierestaurant van Isseu Youn heeft geen muren. Een keuken is er evenmin. Wel een fles kookgas, die iedere ochtend tevoorschijn komt als de eerste gasten zich aan de in elkaar getimmerde werkbank melden. Het zijn vooral mannen, in fluorescerende werkhesjes, polo’s of losse hemden. Met een „As-Salaam Alaikum” begroeten ze Youn (30), haar schoonzusje Ndeye en Sokhna, de 19-jarige hulp van de familie, alle drie met schorten en haarnetjes op. Nog een „As-Salaam Alaikum” volgt voor degenen die al naast elkaar aan de twee lange tafels zitten, een kopje kruidige café touba in de hand.
In de gargotes van Dakar, de informele restaurantjes die op vrijwel iedere hoek in deze drukke metropool te vinden zijn, kent iedereen de regels. Het eten gaat misschien snel, het blijft een sociale aangelegenheid. Een groet en Gods zegen is het minimale. „Maar sommigen gaan gewoon zitten”, klaagt Diadia Mbaye (42), terwijl hij een hap neemt van zijn in een oude krant gewikkelde baguette met omelet. Mbaye, die in deze buurt als technicus de wifi-apparaten van een telecombedrijf installeert, komt hier minimaal één keer per dag. ’s Ochtends voor zijn petit déjeuner, als het menu bestaat uit baguettes met ei, vlees, of pittige erwtjes vanaf 300 CFA Francs (voor een baguette met één ei), zo’n 45 eurocent.









