Hand in hand liepen ze vroeger naar hun kleuterschool, tussen de oude arbeiderswoningen door. Frans (66) en Karin Vister (64) groeiden op in dezelfde straat, in Woensel-West. Later gingen ze wonen in de buurt. Vijftien jaar geleden, toen de transformatie van de toenmalige achterstandsbuurt net was begonnen, werd hun woning gesloopt. Ze verhuisden opnieuw binnen de buurt.
In Woensel-West staat ijzerhandelaar Frans bekend als ‘Het ijzermannetje’. Hij baant zich een weg tussen het schroot op de werkplaats naast z’n woning. Dan wijst hij naar enkele olifantjes en autootjes van een kermisattractie, onder een tentzeil. „Daar spelen onze kleinkinderen mee. Wie kan dat nou zeggen?”
Aan de zijkant van hun hoekwoning heeft Frans oude cafébordjes van Bavaria opgehangen. Zijn vrouw Karin zit op een van de vier stoeltjes uit het Philips Stadion die aan de voorgevel werden gemonteerd. Ze heeft zuurstofslangetjes omdat ze de longziekte COPD heeft. Ook haar geheugen laat haar steeds vaker in de steek.
Vroeger stond de Edisonstraat, waar prostituees achter de ramen stonden, bekend om de criminaliteit
Nadat ze waren verhuisd, zagen de Visters aan de overkant van het straatje nieuwe sociale huurwoningen verrijzen – in oranje, blauw, groen en geel. Hun eigen huurhuis, uit 1930, is afgelopen anderhalf jaar gerenoveerd en verduurzaamd. De badkamer is vergroot, de gevel is pasteloranje gespoten en op het dak liggen zonnepanelen.








