Zet Rob Oudkerk in een boksring tegenover Frans Timmermans en er valt geen enkele rake klap. De twee PvdA-prominenten – de een wat voormaliger dan de ander – bewegen veel, ze maken heus ook slaande bewegingen, voor de argeloze kijker lijkt het misschien op een gevecht, maar het mist elke precisie. Dat stel ik me althans voor als ik zie hoe Oudkerk deze week in Goedenavond Nederland (WNL) Timmermans aanvalt. Met grote, maar niet met rake woorden.

Steen des aanstoots is een interview van schrijver Ilja Leonard Pfeijffer met Timmermans in de Belgische krant De Morgen. Timmermans stelt daarin dat de redenering van rechts en extreemrechts in Israël dezelfde is als die waarmee de nazi’s de Holocaust verdedigden: „Wij Joden kunnen alleen maar overleven als de Palestijnen weg zijn. Nazi’s zeiden destijds dat het Duitse volk, het Arische ras alleen kon overleven als de Joden weg zijn.” Volgens Oudkerk stelt Timmermans zo de Holocaust gelijk aan „wat er nu in het Midden-Oosten gebeurt”, daarmee zou hij de Holocaust bagatelliseren.

Dat is een harde uithaal in het luchtledige. Timmermans vergelijkt met die woorden de argumentatie van de plegers van genocide, niet de ernst of de omvang van hun misdrijven. Het is dus een beschuldiging van niks. Ook de voorspelbare aangifte wegens groepsbelediging en haatzaaien door een groep nabestaanden van Holocaust-slachtoffers is kansloos. Wie in Timmermans’ woorden iets geringschattends over de Holocaust zegt te lezen, moet beter lezen, of is simpelweg te kwader trouw.