vandaag, 10:50Koren zongen via Zoom, verenigingen verloren leden en repetities verhuisden naar weilanden. De coronacrisis legde het culturele leven stil. Toch liet die periode volgens cultuurcoach Jacintha Blom ook zien hoe belangrijk samen muziek maken en optreden is."We zijn tijdens de coronacrisis absoluut niet serieus genomen", zegt Blom. De cultuurcoach uit Enschede zag hoe verenigingen van de ene op de andere dag niet meer bij elkaar konden komen.Repetities vonden normaal gesproken altijd fysiek plaats. Ineens moesten koren, muziekverenigingen en toneelgroepen uitwijken naar Teams en Zoom. "Dat was heel veel gedoe. Maar je leert er ook van."Meer dan samen zingenVooral het sociale belang van verenigingen bleef Blom bij. Volgens haar draait een koor of toneelgroep niet alleen om zingen, spelen of optreden. "Het contact met elkaar is minstens zo belangrijk. Hoe langer de coronacrisis duurde, hoe meer mensen mentaal afhaakten. Dat was het grote gevaar."Alles werd genoemd, behalve cultuurDe grootste frustratie van Blom waren de persconferenties. Het kabinet kondigde nieuwe maatregelen aan, maar wat die betekenden voor amateurkoren, muziekverenigingen en toneelgroepen bleef vaak onduidelijk."Alles werd genoemd, behalve cultuur. Na iedere persconferentie moest ik uitzoeken wat de regels voor ons betekenden. Daarna moest ik dat uitleggen aan 150 verenigingen", vertelt Blom.Repetities in een weilandOok voor koordirigent Roos te Martelde kwam het culturele leven plotseling tot stilstand. Zij dirigeerde tijdens de coronaperiode onder meer het Twents Gay Koor Soort & Maten en Popkoor053. "Als je niet meer bij elkaar kunt komen, kun je niets", zegt Te Martelde.Veel koren probeerden online verder te gaan. Speciale computerprogramma’s moesten de vertraging tijdens het videobellen verminderen. Toch bleek samen zingen via een scherm bijna onmogelijk.Toen repeteren voorzichtig weer was toegestaan, trokken sommige koren naar buiten. Te Martelde stond met een van haar koren op anderhalve meter afstand van elkaar in een weiland. "Muzikaal was het echt vreselijk", zegt ze lachend. "Maar we konden elkaar tenminste weer zien."Uitvoering na twee jaar wachtenVoor Jan Eijkel van het koor Il Cocodrillo Canta begon de coronaperiode met een teleurstellend telefoontje. De uitvoering van de Johannes-Passion, waarvoor het koor maanden had gerepeteerd, ging niet door. Ook zijn koor probeerde via Zoom te repeteren. Dat werkte volgens Eijkel niet goed. "Het was heel frustrerend dat we niet bij elkaar konden komen. Steeds meer mensen haakten af. Zij zaten voor hun werk vaak al de hele dag achter een scherm."Het was eigenlijk ons beste concert ooitHet koor vond later een nieuwe repetitieruimte met betere ventilatie. Zodra het weer mocht, zongen de leden buiten. "Dat is mijn mooiste herinnering. We konden eindelijk weer samen repeteren en daarna nog even iets drinken. Toen ik na die eerste repetitie naar huis fietste, was ik helemaal gelukkig."De afgelaste Johannes-Passion werd uiteindelijk alsnog uitgevoerd. Het koor had er toen twee jaar aan gewerkt. "Het was eigenlijk ons beste concert ooit. Iedereen was zó blij dat het weer kon."Verenigingen hielden standVolgens Blom is de cultuursector redelijk sterk uit de coronaperiode gekomen. Minder groepen verdwenen dan zij aanvankelijk vreesde. Veel leden bleven tijdens de crisis hun contributie betalen.De crisis maakte volgens haar ook duidelijk hoe belangrijk culturele activiteiten zijn voor het welzijn van mensen. "Corona liet zien dat het belangrijk is om in je vrije tijd actief te zijn en iets te doen waar je gelukkig van wordt. Daar was voorheen minder aandacht voor."De coronaperiode liet volgens haar vooral zien wat er verloren gaat als mensen niet meer samen kunnen zingen, spelen of optreden. "Cultuur gaat niet alleen over een voorstelling of concert. Het gaat ook over ontmoeten, meedoen en ergens bij horen."