De impact van de coronapandemie is tot op de dag van vandaag voelbaar, zei Robèr Willemsen, destijds voorzitter van Koninklijke Horeca Nederland, deze vrijdag tegen de parlementaire enquêtecommissie Corona. De horecasector heeft een gezamenlijke schuld van 6 miljard euro opgebouwd, zei hij, „los van de spaarpotten die al leeg waren”. Nog steeds moeten mensen die schulden „afbetalen”.

Maar Willemsen vindt het vooral lastig dat men denkt dat de horeca volledig is gecompenseerd voor het inkomstenverlies, een perceptie die volgens hem „doelbewust” is gewekt door bewindspersonen. „De compensatie is 65 procent. Dat is feitelijk.”

Het verschil zit volgens hem in de loonheffing die werkgevers moesten betalen „over werk dat niet werd verricht” en in leningen die renteloos zouden worden verschaft, terwijl de rente nu 4 procent bedraagt. Hij zei erbij dat hij niet ondankbaar wil overkomen. De compensatie „had ook minder kunnen zijn”.

De commissie vroeg niet of het kabinet inderdaad had beloofd dat ondernemers volledig gecompenseerd zouden worden

Willemsen noemde het verder „een schande” dat de gevolgen van de pandemie op ondernemers zijn afgewenteld. „Ondernemers deden er niet toe.” De brancheorganisatie had tijdens de coronaperiode veel contact met het ministerie van Economische Zaken dat meestal goed verliep, maar hij constateerde dat dit ministerie „nihil” impact had op het beleid.