Donderdag 2 juli zal het kabinet in Den Haag officieel excuses aanbieden aan afstandsmoeders, afstandsvaders en afgestane kinderen voor de rol die de overheid heeft gespeeld bij binnenlandse afstand en adoptie. Hoe „onvoorstelbaar groot” de gevolgen waren voor de duizenden vrouwen en baby’s die tussen 1956 en 1984, vaak onder grote druk en onvrijwillig, van elkaar werden gescheiden, staat uitvoerig opgetekend in het onderzoek dat commissie-De Winter afgelopen zomer presenteerde.
Daaruit blijkt onder meer dat ongehuwd zwangeren, verwekkers en kinderen niet of nauwelijks een stem hadden bij de besluiten rond afstand en adoptie. „Er is grote schade aangericht door de beslissingen die over hen zijn genomen”, zei commissievoorzitter Micha de Winter in een interview met NRC. De commissie wil dat alle partijen die hier een aandeel in hadden – waaronder de overheid, kerken, en psychiaters – kritisch naar hun eigen geschiedenis kijken en daar consequenties uit trekken. De overheid is de eerste partij die daar nu gehoor aan geeft.
Ans de Bakker, die haar zoon moest afstaan, en Georgia Gradenwitz, als baby van haar moeder gescheiden, werkten mee aan het landelijk onderzoek en zijn donderdag in Den Haag als Claudia van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (D66), namens het kabinet excuses zal maken. Hoe beïnvloedde afstand en adoptie hun levens, en wat hopen zij dat deze dag zal brengen?








