Nog geen vier jaar geleden deed het tijdperk van de kunstmatige intelligentie zijn intrede met de lancering van ChatGPT. In een paar maanden tijd kreeg de chatbot van OpenAI honderd miljoen gebruikers en werd deze dienst het snelst groeiende consumentenproduct in de geschiedenis. Inmiddels is het gewoon een van de vele, steeds krachtigere AI-producten op de markt, naast die van Anthropic, Google, Meta, Microsoft en X.
Generatieve kunstmatige intelligentie is zonder twijfel de grote nieuwe technologische revolutie, een revolutie die een duizelingwekkend aantal grote vragen opwerpt. Gaat AI de productiviteit opstuwen? Hele beroepsgroepen overbodig maken? Verbluffende medische doorbraken opleveren? Een aanslag met biologische wapens vergemakkelijken? En wat gaat AI veranderen in de nieuwsvoorziening? Wat gaat het betekenen voor het informatie-ecosysteem dat overal ter wereld als dorpsplein fungeert voor betrokken burgers? De eerste tekenen zijn verontrustend.
Andrew Gregg Sulzberger is de uitgever van The New York Times.
De bedrijven die AI ontwikkelen, en die al tot de rijkste en machtigste bedrijven in de geschiedenis behoren, zijn hun toch al buitensporige greep op onze data en onze aandacht verder aan het verstevigen. Tegelijkertijd onttrekken ze zich aan de verantwoordelijkheid die bij deze macht hoort: de plicht om het publiek van betrouwbare informatie en nieuws te voorzien.
















