Wat is een goede eerste vraag, wil presentator Janine Abbring van psychiater Jim van Os weten. Vaak begint Van Os liever met een korte stilte. Een moment waarin nog even niets ingevuld kan worden. Een moment waarin de mens in nood gewoon even kan zijn.

Deze avond zal gaan over gekte, zeg Abbring. Van Os noemt het liever waanzin. Ontregeling in de mentale ruimte. Iets waar elk mens expert in is. We hebben ons allemaal te verhouden tot die mentale ruimte, er is zoiets als een psychisch evenwicht. Je kan in ontregeling raken en die ontregeling kan heel machtig, dwingend zijn. Het kan iemands zicht op de toekomst wegnemen. Van Os spreekt niet over depressie, angst of verslaving. Al die namen zijn, zegt hij, in essentie een vorm van ontregeling. Het vinden van woorden om die ontregeling te beschrijven aan anderen is van levensbelang.

Zoekend naar gedeelde woorden staan de interviewer en psychiater niet ver van elkaar af. Ook in deze laatste aflevering van Zomergasten is de overlap voelbaar. Abbring en Van Os tasten op basis van eigen ervaringen de essentie van hun bestaan af. Psychose is zijn expertise, de moeder van Abbring kreeg in haar leven meerdere psychoses zegt ze. Abbring speelt meer dan gebruikelijk met het inbrengen van persoonlijke verhalen. Haar vriend noemt haar een „Gronings klaphek” omdat ze zich soms kan afsluiten. „Oh interessant”, zegt Van Os. Hij maakt ruimte voor haar anekdotes maar gaat niet op de stoel van de psychiater zitten en dat doet het gesprek goed.