Nu heb je verrekijkers in alle soorten en maten en zou ik je zeker niet willen adviseren meteen een Swarovski, Leica, Zeiss of ander topmerk aan te schaffen. Want die jongens zijn behoorlijk prijzig; voor een echte topkijker leg je al gauw tweeduizend euro neer. Daar kun je altijd nog voor gaan sparen als het vogelvirus je eenmaal te pakken heeft. Voor nu volstaat een eenvoudiger kijker.

Koop geen flutkijker

Maar let op: een echt goedkoop ding van een paar tientjes raad ik je sterk af. Haarscherp een vogel zien zonder vervorming en met een rustig beeld, waardoor je zelfs bij een stadsduif al het ‘wow’-effect ervaart: daarvoor heb je nu eenmaal kwalitatief goede lenzen nodig. Wil je wel iets goeds maar niet de hoofdprijs betalen, ga dan voor een huismerk, bijvoorbeeld dat van de Vogelbescherming – reken ook dan overigens wel op een paar honderd euro. (Als je in deze fase een goede kijker kunt lenen is dat natuurlijk nog mooier – je gaat er vanzelf alsnog een kopen, geef ik je op een briefje.)

Waar moet je op letten bij aanschaf van een verrekijker? Vaak zie je cijfercombinaties staan als ‘8×32’, ‘8×42’, ’10×32′ of ‘10×42’. Maar dat zegt de leek natuurlijk niets. Heel kort samengevat: die 8 of 10 staat voor de factor waarmee een verrekijker vergroot. Je zou dus zeggen dat je beter een 10 dan een 8 kunt kopen: de vogel wordt met 10 immers groter gepresenteerd dan met 8 maal vergroting. Maar dat is niet het hele verhaal.