woensdag, 14:47Waterstof zou Noord-Nederland van het aardgas afhelpen en de regio tot een Europese koploper maken. Maar van die groene belofte is in de praktijk nog maar weinig terechtgekomen. Toch blijven ondernemers investeren in waterstof en circulaire productie. Met smart wachten ze op een kantelpunt.‘Er wordt veel gedaan op het gebied van waterstof’, zegt hoogleraar energie-economie Machiel Mulder van de Rijksuniversiteit Groningen in de podcast Stand van Noord-Nederland van Omrop Fryslân, RTV Drenthe en RTV Noord, gesteund door de NOM. Er wordt gewerkt aan elektrolysers waarmee waterstof wordt gemaakt, aan kennisontwikkeling en transportleidingen. ‘Maar in de toepassing gebeurt nog heel erg weinig.’ Waterstof te duurVolgens Mulder is daarvoor een belangrijke verklaring: groene waterstof is duur. De verwachting was dat rond 2030 volop goedkope groene elektriciteit beschikbaar zou zijn. Daarmee zou groene waterstof betaalbaar worden geproduceerd. De verwachtingen waren veel te hoog‘De verwachtingen waren veel te hoog’, stelt Mulder. ‘De elektriciteitsprijs is niet zo heel erg laag. We hebben wel steeds meer uren dat die laag of zelfs negatief is, maar dat is veel te weinig om groene waterstof te maken.’Zonder strenger overheidsbeleid zullen bedrijven volgens hem niet snel overstappen. Dat, gecombineerd met het aanjagen van de vraag, is volgens Mulder nodig om een waterstofeconomie ‘te laten vliegen’. Podcast #5 Stand van Noord NederlandEigen koersBij Douna Machinery in Leeuwarden kiezen ze voor een eigen koers. Het bedrijf maakt van oudsher aandrijvingen voor onder meer de gasindustrie, maar besloot enkele jaren geleden ook in waterstoftechnologie te investeren.Ook directeur Ale Procee ervaart dat de markt zich veel langzamer ontwikkelt dan werd voorspeld. Toch ging Douna door. Het bedrijf ontwikkelde een kleine elektrolyser die water met behulp van elektriciteit omzet in waterstof en zuurstof. De installatie kan worden gebruikt voor demonstraties, onderwijs en veiligheidstrainingen.De waterstofmarkt ontwikkelt zich wel, maar in een ander tempoDaarnaast werkte Douna mee aan een waterstofproject bij Groningen Airport Eelde en ontwikkelt het bedrijf samen met onder meer VDL grotere installaties voor mkb-ondernemingen.‘De markt ontwikkelt zich wel, maar in een ander tempo’, vat Procee samen.Een demonstratie-elektrolyser is inmiddels verkocht in Noorwegen. Van een grootschalige markt is echter nog geen sprake. Procee wacht met zijn bedrijf op het kantelpunt waarop de vraag gaat groeien.Plannen doorzettenVolgens Procee hangt dat af van een combinatie van technische ontwikkeling, lagere kosten en overheidsbeleid. ‘Die elementen zullen moeten samenvallen, wil je naar grootschaliger gebruik van waterstof.’Hoewel de ontwikkelingen rond waterstof een stuk trager gaan dan verwacht heeft Procee nooit serieus overwogen om ermee te stoppen. Want de ontwikkeling leverde zijn bedrijf nieuwe kennis, contacten en opdrachten op. Volop aan het pionierenEen vergelijkbaar verhaal komt van Jan Jaap Folmer, medeoprichter van UPPACT. Het bedrijf heeft in Delfzijl een demonstratiefabriek voor moeilijk recyclebare plastic afvalstromen. UPPACT verwerkt dit tot palen, planken en balken.De installatie in Farmsum werkt met een nieuwe technologie. Dat betekent dat UPPACT nog volop aan het pionieren is, zegt Folmer. En het bedrijf kan pas slagen wanneer de aanvoer constant is, de productkwaliteit stabiel en er voldoende klanten voor de bouwmaterialen zijn.Net als Procee van Douna, wacht ook Folmer met UPPACT op een kantelpunt. ‘Je zit in een transitie. Dat betekent dat niet alles vanzelf gaat. Er wordt wel eens gezegd: dat laten we over aan de markt. Maar in zo’n transitie kan de markt niet alles.’Verduurzaming is gewoon de enige weg voorwaartsEnergiedeskundige Mulder vindt de bedrijven goede voorbeelden van ondernemers die risico’s nemen en vooruitkijken. ‘Als je goed naar de toekomst en onze omgeving kijkt, is verduurzaming gewoon de enige weg voorwaarts.’Niet zwabberenDat betekent volgens Mulder niet dat de overheid ieder duurzaam initiatief moet subsidiëren. De markt moet mede bepalen welke technieken kansrijk zijn. Wel is een vaste koers noodzakelijk. ‘Als het milieubeleid gaat zwabberen, wordt het heel erg moeilijk’, zegt Mulder. Procee onderschrijft dat. Ondernemers hebben volgens hem een routekaart nodig die langer meegaat dan één kabinetsperiode. ‘Je hebt een hoofdweg nodig met een aantal afslagen, maar die hoofdweg moet niet veranderen.’Hij wijst op Noorwegen, waar jarenlang een vaste koers is gevolgd om elektrisch vervoer te stimuleren en waar elektrisch rijden nu de norm is. Duidelijkheid is wat Procee betreft net zo belangrijk als financiële steun.Overheid kan helpen als klantFolmer wil dat de overheid bedrijven ook helpt door zelf klant te zijn. Gemeenten, woningcorporaties en andere publieke partijen kopen grote hoeveelheden bouwmaterialen in. Zij kunnen palen en planken van gerecycled plastic gebruiken en daarmee een groene keten helpen opbouwen.Maar dat blijkt lastig, weet Folmer. Overheden zijn vaak traag en vallen bij aanbestedingen gemakkelijk terug op bekende producten. De onderstroom van vergroening is niet meer te stoppenIs de noordelijke economie over tien jaar helemaal groen? Nee, verwachten de drie gasten. Maar de ontwikkeling is niet meer terug te draaien. ‘De onderstroom gaat die kant op’, zegt Folmer. ‘Dat is niet meer te stoppen.’Procee verwacht dat de economie over tien jaar ‘groener, veel groener’ is. Waterstof zal volgens hem dan breder worden toegepast. ‘De factor tijd: 2030, 2035. Het heeft tijd nodig.’HoopvolOok Mulder verwacht geen volledig groene economie, maar wijst erop dat Nederland al veel heeft bereikt. Het energieverbruik en het gebruik van olie, kolen en gas zijn de afgelopen decennia sterk gedaald. ‘We zijn er nog niet’, zegt hij. ‘Maar door alle activiteiten van ondernemers en burgers ben ik wel hoopvol.’Achterstand, maar ook vooruitgang en trots: het dubbele verhaal van het Noorden(opent in nieuw venster)