Ik schreef in deze rubriek eerder al eens dat nieuws over Tata Steel altijd op een onverwacht moment komt. In dat stuk merkte ik ook al op dat er nog allerlei mogelijke zwaarden van Damocles boven de fabriek hingen, waaronder een strafrechtelijk onderzoek.

Het had dus eigenlijk niet als verrassing moeten komen toen ik dinsdag aan de ontbijttafel vernam dat het Openbaar Ministerie Tata Steel gaat vervolgen voor het opzettelijk vervuilen van het milieu. Maar zo voelde het toch wel een beetje. Meer dan vijf jaar na de massa-aangifte door omwonenden was er nu plotseling een (voorlopige) uitkomst.

De stap van het OM roept natuurlijk meteen de vraag op of het kabinet nog steeds bereid is om de vergroening van Tata Steel te steunen met 2 miljard euro aan subsidie. Daarover lopen al jaren onderhandelingen, die nu in de eindfase zijn beland.

Deze week kwam er nog geen antwoord op die vraag. Klimaatminister Stientje van Veldhoven schreef aan de Tweede Kamer dat zij niet kan vooruitlopen op de strafrechtelijke procedure. Ze gaat in september pas verder in op de "mogelijke implicaties" voor de klimaatafspraken en neemt tot die tijd geen "onomkeerbare stappen".

Extra verontrustend voor het kabinet is dat het OM ook nog verder onderzoek doet naar de vraag of individuele bestuurders van Tata Steel zullen worden vervolgd. Daarmee blijft de optie nadrukkelijk open dat het kabinet nu aan de onderhandelingstafel zit met mensen die straks persoonlijk voor de rechter moeten verschijnen.