De Hoge Raad oordeelde in 2021 dat de vermogensrendementsheffing in de periode 2017-2020 onwettig was. Dat wil zeggen: mensen die bezwaar hadden gemaakt, hadden recht op teruggave. Enkele tienduizenden hadden dit gedaan. Dat kostte de overheid miljarden euro's. Maar ook mensen die geen bezwaar hadden gemaakt, wilden compensatie.
De Hoge Raad deed donderdag uitspraak in twee van die zaken. De Hoge Raad deed donderdag uitspraak in twee van die zaken. In beide zaken ging het over aanslagen die op 24 december 2021 waren opgelegd. Beide gedupeerden hadden daartegen niet op tijd bezwaar gemaakt. De hoogste rechter besloot dat de niet-bezwaarmakers geen recht hebben op teruggave.
De Hoge Raad sluit zich daarmee aan bij de advocaat-generaal van de Hoge Raad. Die bracht in mei het advies uit dat niet-bezwaarmakers geen compensatie hoeven te krijgen voor de ontvangen belastingaanslagen.
Het oordeel van de Hoge Raad is niet alleen van belang voor deze twee zaken, maar voor alle niet-bezwaarmakers die later hebben gevraagd om vermindering van hun aanslagen. Mochten die allemaal toch recht hebben op compensatie, dan zou dat de overheid nog eens miljarden euro's kosten. De rechter realiseert zich dat de uitspraak "teleurstellend" is voor de betreffende belastingplichtigen.










