"In een verpleeghuis is alles doorgaans goed geregeld: er is een hitteprotocol en de ramen zijn dicht of geblindeerd. Als de zon weg is, gaan de ramen juist open en krijgen mensen continu extra te drinken aangeboden. Het personeel kan efficiënt te werk gaan", vertelt Jacqueline de Groot aan NU.nl.
Zij is specialist ouderengeneeskunde, voorzitter van beroepsvereniging Verenso en komt regelmatig bij ouderen thuis. Daar is het een stuk lastiger voor mensen om niet oververhit te raken, zelfs als de wijkverpleegkundige regelmatig langskomt.
Vooropgesteld: er zijn natuurlijk genoeg ouderen die nog prima voor zichzelf kunnen zorgen. Maar er zijn óók thuiswonende ouderen die risico lopen, bijvoorbeeld omdat ze niet genoeg drinken. "Dat doen ouderen vaak toch al weinig, omdat ze geen dorstgevoel meer hebben. Of omdat ze niet steeds naar het toilet willen als ze slecht ter been zijn."
Wie plasmedicijnen slikt, moet de dosering momenteel mogelijk aanpassen. "Daar staan mensen niet altijd bij stil", vervolgt De Groot. "Bovendien kunnen ouderen hun warmte minder goed kwijt. Ze transpireren minder, je ziet bijna nooit zweetdruppels op hun voorhoofd."
Dat ouderen tegenwoordig langer thuis wonen, maakt deze dagen extra riskant. "Toen ik begon met werken in de ouderengeneeskunde, woonden mensen wel tien jaar of langer in een verpleeghuis. Dat is tegenwoordig echt niet meer zo."













