Jaarlijks belanden circa 10.000 rugherniapatiënten op de operatietafel. Een rughernia is een uitpuiling van een tussenwervelschijf die een zenuwwortel in de wervelkolom beknelt, wat pijn, tintelingen of krachtsverlies kan veroorzaken, meestal in de onderrug en het been. De chirurg helpt het lichaam een handje door tijdens de operatie het deel van de hernia te verwijderen dat tegen de zenuw drukt. Daardoor krijgt de zenuw meer ruimte en kan deze herstellen. Maar dat is geen garantie voor een voorspoedig herstel. Fysiotherapeut Stijn Willems onderzocht de herstelfactoren en bepleit een nieuwe manier om naar het herstel te kijken.
Willems (40) ziet ze dagelijks voorbijkomen in zijn praktijk in Eindhoven, mensen die na een herniaoperatie voor verder herstel bij hem aankloppen. „De verschillen in herstel zijn groot. Wat mij vooral opvalt: patiënten met een vergelijkbare leeftijd, werk en diagnose kunnen totaal verschillend herstellen. De één is al na zes weken aan het werk, terwijl de ander na een jaar nog thuiszit met pijn. En als ik eerlijk ben, kan ik die mensen niet goed uitleggen waarom dat zo is. Daar wilde ik een vinger achter krijgen.”
Zo gezegd, zo gedaan. Willems is een hernia-diehard. Zelf ooit behept met uitstralingsklachten in het been, fikste hij in 2017 een promotieplek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en ging aan de slag met de herstelgegevens van 618 geopereerde patiënten. En passant bouwde hij een rugpijninfo-website, Letsgofysio. Negen jaar later – Willems deed het allemaal naast zijn werk – promoveerde hij, afgelopen mei.












