Controleer je schoenen voordat je gaat wandelen, en kijk of er steentjes in zitten. Klop na het wandelen je schoenen uit en gooi je sokken in de was. Onderzoek elke week je voeten op wondjes – eventueel met een spiegel. Lukt je dat niet meer, vraag dan iemand anders om te kijken, zoals een mantelzorger of iemand van de thuiszorg. Doe dit, als je tenminste al wat langer diabetes hebt. Want dan zijn de zenuwen en vaten in je voeten vaak zo beschadigd, dat je een wondje niet meer voelt.

„Een kleine wond kan zo ongemerkt uitgroeien tot een grote wond”, zegt Jan Geertzen. Hij was tot voor kort hoogleraar revalidatiegeneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen, met amputaties als specialisatie. Als dokter heeft hij een diabetespatiënt meer dan eens gevraagd om even de schoenen uit te trekken: „Onder de voeten zag ik dan vaak grote wonden, die de patiënt helemaal niet had gevoeld.” Een verwaarloosde wond is na verloop van tijd niet meer te behandelen. Geertzen: „Uiteindelijk moet dan een deel van het been worden geamputeerd.”

Jaarlijks worden in Nederland ongeveer 3.500 amputaties uitgevoerd, voornamelijk van (delen van) het onderbeen. De ingreep is dus betrekkelijk zeldzaam, maar wel ingrijpend. Patiënten moeten langdurig revalideren en opnieuw leren lopen, als ze niet in een rolstoel belanden. In meer dan de helft van de gevallen houden ze of krijgen ze pijn, leert een studie van Geertzen. „En anders dan bijvoorbeeld het verwijderen van een blindedarm geldt amputatie als een verminking”, zegt Geertzen. „De ingreep kan daarmee een deuk slaan in iemands zelfbeeld. Psychologische begeleiding is dan ook een vast onderdeel van de behandeling.”