Tussen het Malieveld en het Centraal Station voltrekt zich elke ochtend een klein wonder. Spitsuur, op een van de drukste verkeersaders van Den Haag. En bij de bouwplaats van een nieuw torencomplex moet de sliert fietsers zich over betonplaten tussen afzethekken door wurmen, samen met de forenzen die hier vanuit de fietsenstalling naar hun treinen hollen.
Toch breekt op vrijwel alle gezichten een glimlach door. Eerst nog voorzichtig, als om een binnenpretje, maar zodra de poort naar de bouwplaats in zicht komt, grijnzen de meesten voluit. Daar staat hij. Mike. De verkeersregelaar die lacht, zwaait, high-fives uitdeelt.
Hij hééft iets. Je kunt onmogelijk níet lachen. Zo ontwapenend. Zo aanstekelijk. De man intrigeert me al zolang hij hier staat, sinds begin 2024. Soms fiets ik langs als ik hier helemaal niet hoef te zijn. „Goedemorgen!” High-five, boks, zwaai. Iedereen krijgt een energiescheut op maat, waarvan je op de een of andere manier onmiddellijk weet dat die echt is, compleet anders dan het routinematige ‘fijne dag’ van veel winkelpersoneel.
Ik dacht dat hij dit erbíj deed, bíj het dirigeren van vrachtwagens en hijskranen door de poort. Maar hij gaat hier elke dag bewust staan, tot de ochtendspits voorbij is, alleen maar om alle voorbijgangers te begroeten. Om negen uur begint zijn ‘gewone’ werk.







