Onverwacht goed nieuws. Decennium na decennium namen mangrovebossen wereldwijd alsmaar verder in oppervlakte af, maar die afname lijkt gekeerd. Sinds 2010 is er sprake van een lichte toename.

Dat meldden onderzoekers, onder leiding van Daniel Friess (Tulane University, New Orleans), vorige week in Science. Ze lijken zelf verrast door de resultaten, want in de kop boven hun artikel spreken ze van een „onverwachte uitbreiding” van deze bossen. Daarnaast zien ze ook dat de bladbedekking in bestaand mangrovebos gaandeweg toeneemt, een indicatie voor herstel van aangetast bos.

Mangrovebossen komen voor in tropische en subtropische gebieden, aan de kust, in getijdenzones. Ze zijn aangepast aan een leven in een moerassige, zuurstofarme bodem met hoge zoutconcentraties. Hun wortelsystemen hebben uitlopers (luchtwortels) die boven de grond of het wateroppervlak uitsteken en zuurstof rechtstreeks uit de lucht halen. Daarnaast hebben ze mechanismen om de hoge zoutconcentraties te managen – ze weten zout buiten hun cellen te houden, of ze werken zout actief hun cellen uit. Voor lokale bevolkingen biedt mangrove voedsel, inkomen (bijvoorbeeld uit visserij en toerisme) en bescherming tegen stormen, door woeste golven te dempen. De afgelopen eeuwen is veel mangrovebos verloren gegaan als gevolg van houtkap, uitbreiding van landbouw (onder meer palmolieplantages), bebouwing, aquacultuur en vervuiling.