Kinderen hebben recht op onderwijs. In Nederland zijn ouders daarom verplicht hun kind in te schrijven op een school en ervoor te zorgen dat het die bezoekt. De Hoge Raad stelde onlangs paal en perk aan de mogelijkheid om via een vrijstelling aan die verplichting te ontkomen. Terecht, want het aantal kinderen dat niet naar school gaat omdat hun ouders zich beroepen op religieuze of levensbeschouwelijke bezwaren is de afgelopen jaren snel toegenomen. Inmiddels gaat het om bijna drieduizend kinderen die om deze reden zijn vrijgesteld van de leerplicht.

Wat bedoeld was als uitzondering, dreigt een structurele ontsnappingsroute uit het schoolsysteem te worden. Influencers spelen hierbij ook een rol. Zij leggen op sociale media uit hoe je relatief eenvoudig aan een vrijstelling voor je kind kunt komen en daarna geen rekening meer hoeft te houden met schoolvakanties en schooltijden. Dat opportunisme geldt niet voor de hele groep. Er zijn ook ouders die echt bang zijn dat hun kind, als het naar school zou gaan, dingen leert die indruisen tegen hun religie of levensbeschouwing.

Voor leerplichtambtenaren is het lastig om te toetsen of ouders bezwaren hebben die zwaarwegend genoeg zijn voor een vrijstelling. Ook het Openbaar Ministerie liet vorig jaar weten dat het te weinig juridische houvast had in dit soort zaken, en dat het daarom stopte met het vervolgen van deze ouders.