Misschien is het haar blik. Of misschien is het hoe ze daar zit, op het puntje van de duikplank: het onderlijf van een meisje, met lange dunne bungelende benen, en het bovenlijf van een krachtpatser. Ze lijken niet bij elkaar te passen, die twee lichaamshelften, maar ze passen toch. Misschien komt dat juist door haar blik.

De beste foto’s zijn beelden waar je je ogen niet van kan afhouden. Ze kijkt in de camera, Marrit Steenbergen, terwijl het ook lijkt alsof ze dat niet doet. Ik bestudeer haar gezicht en moet denken aan Meisje met de parel, het schilderij van Johannes Vermeer – hoewel ze er niet op lijkt. Het is die blik.

De foto staat bij een interview met de zwemster in deze krant van begin dit jaar. Haar gezicht is open en onbevangen, en in zichzelf gekeerd tegelijk. Kan dat? Kun je de persoonlijkheid van een mens vangen in een foto? De zwemster, de wereldkampioene, die op het punt staat het wereldrecord op het koningsnummer van het zwemmen te verbreken, en het meisje dat eigenlijk introvert en vaak onzeker is. Twee uitersten samengesmolten in één lijf. In één geest.

Het is wat me misschien wel het meest fascineert aan topsport, en aan mensen in het algemeen. Hoe breng je de rol die je moet spelen samen met wie je eigenlijk bent?