Het gaat om een decreet dat Trump eind maart ondertekende. Daarin staat dat Amerikaanse staten een landelijke lijst moeten volgen waarop Amerikaanse burgers staan vermeld die mogen stemmen. Dat betekent dat alleen mensen die toestemming hebben van de nationale regering per post mogen stemmen. Momenteel zijn de Amerikaanse staten zelf verantwoordelijk voor hoe zij het stemmen per post regelen.
Democraten wilden de maatregel van Trump tegenhouden. Zij stellen dat het decreet een schending is van de rechten van de staten. Daarnaast zijn ze bang dat de lijst verouderd of onvolledig is, waardoor bepaalde kiezers worden uitgesloten van stemmen. In totaal zijn er drie rechtszaken aangespannen tegen het decreet.
Stemmen per post wordt in de Verenigde Staten vooral door Democratische kiezers gebruikt. Trump beweert al jaren dat stemmen per post leidt tot fraude door Democraten, maar heeft daarvoor nooit bewijs geleverd. Eerder zei hij dat Democraten alleen maar voorstander zijn van stemmen per post, omdat ze anders "praktisch onverkiesbaar" zijn.
De rechter heeft nu gezegd dat ingrijpen in het decreet te vroeg is. Het presidentiële decreet is namelijk nog niet in de praktijk gebracht.
In november worden in de VS landelijke tussentijdse verkiezingen gehouden. Tijdens die verkiezingen worden de 435 zetels in het Huis van Afgevaardigden en de 35 zetels in de Senaat verdeeld. De verkiezingen zijn spannend voor Trump, omdat het oordeel dat de kiezer over zijn regering geeft zwaar zal meetellen bij de steun die hij van de Republikeinse Partij zal krijgen.












