De muziekkamer is boven. Vera Beths meandert handig met een dienblad jasmijnthee door de hoge hal, langs de oude kinderboeken en talloze deuren. „Dit was vroeger een meisjeskostschool, er zijn dertien wc’s”, zegt ze. Met haar man Anner Bijlsma, cellist, kocht ze het dubbele huis in Amsterdam-Zuid in 1985. Het was betaalbaar omdat het onhandig groot was, en slecht onderhouden. Maar voor Beths, Bijlsma en hun drie kinderen bleek het een geluksmagneet. Leidse- en Museumplein op tien minuten lopen, het Vondelpark naast de voordeur. „En het huis trekt ook leuk gezelschap aan.”
Beths’ twee dochters Carine Bijlsma (documentairemaker) en Katja Herbers (actrice in de VS, uit Beths’ eerste huwelijk met hoboïst Werner Herbers) hebben hier beiden een pied-à-terre en vioolleerlingen hadden de afgelopen dertig jaar eveneens hier les, en niet op het conservatorium. „Sinds #MeToo ben ik de enige van wie dat nog wordt gedoogd”, zegt ze, en dat die regel er – helaas – niet voor niks is gekomen. Maar haar leerlingen roemen vooral de meerwaarde: in de Vondelstraat (koosnaam ‘De Vondel’) krijg je Vera, én haar sfeer en entourage. „Je moet ermee omgaan”, zegt ze. „Mijn leerlingen krijgen geen thee, ik houd afstand. Ik merk het natuurlijk wel meteen als ze ergens mee zitten of liefdesverdriet hebben, maar dan gaan we niet praten, maar duo’s spelen.”















