Het is nogal wat als de ongekroonde koning van de strips, Chris Ware, je boek in The New York Review of Books vergelijkt met de klassieke roman Ulysses van James Joyce, en het „net als Ulysses een meesterwerk” noemt. Het overkwam de Vlaamse striptekenaar Olivier Schrauwen vorig jaar bij verschijning van de Engelse vertaling van zijn strip Zondag. Ware omschreef de 500 pagina’s dikke strip als „een poging om de gedachten, ervaringen, herinneringen, mijmeringen en obsessies van een man in één dag te vangen”. Net als Joyce deed dus.

Ware woorden van Ware, die misschien ook verwantschap voelde met hoe Schrauwen compassie voor de underdog weet uit te beelden in uitgebeende, heldere tekeningen op strak vormgegeven pagina’s. Na die recensie volgden drie nominaties voor de prestigieuze Eisner Awards, de Oscars van de Amerikaanse stripindustrie, onder meer voor Best Graphic Album-New en Best Writer/Artist.

Veel eerder, in 2016, was zijn prachtige Arsène Schrauwen al genomineerd voor Album van het Jaar op het stripfestival van Angoulême, het belangrijkste Europese stripfestival. En nu voegt zich bij al die internationale eerbewijzen de toekenning van de Bronzen Adhemar, de belangrijkste Belgische oeuvreprijs. De jury noemt de 48-jarige tekenaar „de schepper van een oeuvre dat uniek en compromisloos is, en even eigenzinnig als diepzinnig”.