Psycholoog Rijn Vogelaar (1969) voelde een lichte paniek. Hij was als marktonderzoeker in gesprek met een topclient van een advocatenkantoor, dat hem riant betaalde om te achterhalen wat er beter kon aan hun diensten. Maar de klant had niks te klagen. Het was een scenario dat niet voorkwam in de gestandaardiseerde vragenlijsten. Om het uur dan maar anders op te vullen, begon Vogelaar door te vragen hoe de man zo tevreden kwam. Er bleek een bewogen verhaal achter te zitten, over hoe het kantoor hem zeven jaar geleden voor faillissement had behoed.
Bij Vogelaar begon na het gesprek een lichtje te branden. De client had al twintig nieuwe klanten aan het kantoor doorverwezen; waarom zijn super enthousiaste mensen niet de focus van marktonderzoek? Hij schreef er het boek, De Superpromoter (2009) over. Het werd – ietwat onverwachts – een internationale bestseller en Vogelaar mocht de wereld over om lezingen te geven over zijn inzichten. Ondertussen bleef hij marktonderzoek doen en er kwamen meer managementboeken.
Alleen één ding bleef hem dwars zitten: het gebrek aan wetenschappelijk onderzoek naar enthousiasme. Dus begon Vogelaar in 2018 zelf met een promotietraject aan de psychologie faculteit in Leiden. „Ik wilde de emotie fundamenteel onderzoeken: wat is het en waarom is het een aparte emotie, anders dan bijvoorbeeld hoop en vreugde, waarmee het wel overeenkomsten heeft.”








