Hij zit in de laatste bocht van de laatste ronde in de finale van de 1.500 meter, als Stefan Nillessen hardop tegen zichzelf zegt: „Oké, kom op, let’s go.” Tot dan toe heeft de Nederlander een anonieme race gelopen, midden in een groepje en dichtbij de binnenkant van de baan. Het is een niet al te gunstige positie: een paar keer raakt hij ingesloten en moet hij terugzakken of juist versnellen om te voorkomen dat hij valt.
De Britten in het atletiekstadion van Birmingham worden intussen uitzinnig. Als de race de laatste ronde ingaat lopen twee landgenoten aan kop: Jake Wightman, de wereldkampioen van 2022 en Jake Heyward, die zilver won op de EK van 2022. Het heeft er alles van weg dat dit onderdeel een feestje wordt voor het organiserende land.
Maar dan opent zich rechts van Nillessen een gaatje. Hij houdt even in, verschaft zichzelf daarmee de ruimte om naar buiten te zwenken en begint dan uit alle macht te sprinten. Op de tribunes juichen de Britse fans wel, maar ze kijken elkaar ook verbijsterd aan: wat gebeurt hier? Nillessen duikt niet alleen de twee Britten voorbij, hij loopt van ze weg. „Woooow, what a finish”, zegt de Britse commentator op Eurosport. Goud voor Stefan Nillessen – de grootste verrassing van dit toernooi.










