Bericht van mijn moeder: ”Ik ben death cleaning aan het doen.” Death cleaning: het opruimen van je spullen voor je overlijden, zodat anderen niet met de zooi blijven zitten. Vroeger hadden we nog respect voor onze doden. Wie een beetje geld had, kocht gewoon een mooie tombe voor de overledene. Hele inboedel erbij voor in het hiernamaals, klaar. Tegenwoordig is het de bedoeling dat mensen na hun dood zoveel mogelijk verdwijnen, sterker nog: daar moeten ze volgens het Zweedse principe van death cleaning al bij leven mee beginnen.

Mijn moeder is nog geen zeventig, net met pensioen, in feite is ze in de bloei van haar leven. En nu is ze ten prooi gevallen aan de verknipte ideeën van Margareta Magnusson, auteur van The Gentle Art of Swedish Death Cleaning. Aan alles voel je dat Magnusson het product is van een stel Scandinavische marketinggekken, die haar als morbide Marie Kondo van het noorden hebben gelanceerd.

De meeste boeken over zelfoptimalisatie zijn bedoeld voor de jeugd. Aan een killer body werken, morele ambitie kweken of als nice girl de corner office veroveren: dat doe je maar voor je vijftigste. Daarna is het mooi geweest, zou je denken. Maar dat is buiten Magnusson gerekend, die overigens dit jaar zelf overleed. We kunnen ervan uitgaan dat het nageslacht haar blokhut brandschoon en leeggeruimd heeft aangetroffen.