De beelden spraken tot de verbeelding: tienduizenden migranten die vanuit Marokko via zee de grens van Ceuta overliepen. De Spaanse exclave ligt weliswaar in Afrika en wordt door tientallen kilometers zee gescheiden van het Spaanse vasteland, maar toch ontstond het beeld dat Europa werd 'bestormd' door migranten. Dat vuurtje werd dankbaar opgestookt door anti-immigratiepolitici uit allerlei EU-landen.

Eurocommissaris Magnus Brunner (Asiel) benadrukte dinsdag na afloop van een spoedoverleg met de 27 Europese asielministers dat migratie in heel Europa afneemt en dat de Europese Unie "nog nooit zoveel grip op haar buitengrenzen heeft gehad". "De dramatische beelden in Ceuta overschaduwden de werkelijkheid", concludeerde hij.

"De beelden bij Ceuta deden heel erg denken aan 2015, het jaar van de grote Europese migratiecrisis", zegt Sandrino Smeets. Hij is als universitair docent aan de Radboud Universiteit gespecialiseerd in crisisonderhandelingen binnen de EU. "Het gevoel destijds was dat we de grote migratiestromen over de Balkan niet konden tegenhouden. In die zin leefde nu het gevoel: zijn we dan niets opgeschoten?"

De chaos bij Ceuta resulteerde direct in chaos op politiek niveau. Onder leiding van Italië werd opgeroepen om Spanje vanwege de crisis tijdelijk te schorsen uit het Schengenverdrag, dat voorziet in vrij verkeer van personen en goederen binnen de aangesloten 29 lidstaten. In reactie daarop riep Madrid de Italiaanse ambassadeur op het matje. Rome besloot later zelf eenzijdig het Schengenverdrag met Spanje op te schorten.