Het was ‘een echte Alice Oppenheim’, het stuk op de NRC-opiniepagina’s in het voorjaar van 2015. De oud-journalist en voormalig tv-omroepster reageerde op een artikel van Japke-d. Bouma, over het hoge percentage vrouwen dat parttime werkte. Als vrouwen dat bleven doen, had Bouma geschreven, dan zouden ze nooit gelijkwaardig worden aan mannen.
Werd het geen tijd dat „beste Japke-d” de pijlen op mannen in plaats van vrouwen ging richten, vroeg Oppenheim zich af. „Mannen zijn de baas in dit land, ze nemen personeel aan en ontslaan het later weer, vrijwel altijd vrouwen. En zo doen hun zonen het nu ook. Ga hén eens aanpakken, zowel op hun werk als thuis.”
Zaterdag overleed Oppenheim op 86-jarige leeftijd. Ze was tot het eind strijdbaar als het om gendergelijkheid ging, en soms ook wat verbitterd. Dat had deels te maken met het feit dat ze in 1985 bij weekblad Elsevier werd ontslagen, na het vertrek van hoofdredacteur Ferry Hoogendijk (1933-2014), die haar ruim baan gaf voor het maken van spraakmakende interviews met politici, kunstenaars en zakenmensen.
Oppenheim was niet de enige die het veld moest ruimen, dat gold voor vrijwel de hele redactie, maar het kwam toch hard aan, vertelt haar dochter, documentairemaker Heleen Minderaa. „Ze had er last van dat ze daarna als vrouw van rond de vijftig moeilijk meer aan het werk kwam, en als freelancer geen vast podium kreeg. Als voorvechter van vrouwenrechten was ze daar woedend over.”






