De buitenlandse vrachtwagenchauffeur heeft haast. Maar Edgar Bos, bedrijfsleider van veevoerbedrijf ForFarmer in Delden, maant hem tot rust. De bedrijfsleider moet tegen hem roepen om in de losruimte, een hoog gebouw waar net een truck inpast, boven het kabaal uit te komen. In een ruimte ernaast zegt hij, knikkend naar de chauffeur: „Hij wil lossen, maar is te ongeduldig. Eerst moet de vorige lading zijn verwerkt.”
Bos wijst naar het rooster dat zicht biedt op de ruimte onder de vloer van de losruimte. De haver die de vorig wagen erin heeft gestort, zakt geleidelijk weg, waarna het graan mechanisch naar de silo verderop wordt afgevoerd. Het ruikt er naar metaal en vet. „Pas als het stoplicht op groen gaat, kan hij zijn pasje tegen het systeem houden om zijn vrachtwagen aan te melden. Dan kan de chauffeur gaan lossen.”
Gewoonlijk zijn het vrachtschepen die de grondstoffen voor Forfarmers via het Twentekanaal aanvoeren. Nu staan er trucks te wachten. Dat komt door sluiting van de sluizen bij Eefde, die vanaf de IJssel toegang tot het de vaarweg bieden. Sinds zaterdag 25 juli heeft Rijkswaterstaat het kanaal gesloten voor scheepvaartverkeer, om „onherstelbare schade aan waterkeringen, de bodem en de natuur” te voorkomen.













