Vaak spreek ik met leiders over diversiteit, op de Zuidas en daarbuiten. Meestal gaat het over genderdiversiteit, over de vraag waarom zo weinig vrouwen in bedrijven doorstromen naar de top. Bijna altijd gaat dat gesprek via targets en zichtbaarheid naar het feit dat vrouwen op zeker moment kinderen krijgen. Dan komen ze carrièretechnisch gezien op een zijspoor, hetzij door werkgevers die niet meebewegen, hetzij door eigen keuzes. Een enkele leider vindt dan dat vrouwen meer flexibiliteit moeten krijgen om de kinderen van school te halen, maar vaker hoor ik dat ze het thuis ‘gewoon moeten regelen’. Linksom of rechtsom is dit is ‘het spel’; je kunt niet parttime meespelen.
Maren Laterveer is journalist, schrijver en consultant.
Zelden gaat het over het systeem dat het spel bepaalt, het systeem waarin zij succesvol en tegelijkertijd mogelijk gevangen zijn. Zelden gaat het over de vraag of onze businessmodellen überhaupt zijn ingericht op genderdiversiteit en of we wel een wereld willen waarin je óf keihard werkt om de kost te winnen, óf financieel afhankelijk bent van iemand die dat doet.
Dezelfde smalle blik zien we in maatschappelijke context als het gaat over de positie van vrouwen. Steeds meer gaat het feministische debat over de verdeling van zorg en arbeid en welke keuzes vrouwen daarin maken. De ene columnist schrijft over vrouwen die ‘deeltijdprinsesjes’ zijn en wat minder op hun telefoon moeten zitten, dan zou hun positie al een stuk verbeteren. Een andere auteur schrijft een stuk over de vrouwelijke neiging om de moederrol naar zich toe te trekken, en weer een andere journalist verkondigt op tv dat vrouwen meer zouden moeten werken.






