De Nederlandse natuur ontvangt bezoekers liefst in een gebouw met ruime parkeergelegenheid. Buitencentrum Schoorlse Duinen is een ontvangstruimte van Staatbosbeheer – een van de zeven in Nederland. Hoekig gebouw in schutkleuren, binnen een Bos&Duinwinkel en een bosbrasserie.

Vrijwilliger Joke Winder staat bij de ingang ansichtkaarten uit dozen te halen voor in de kaartenmolen, ze heet iedereen vriendelijk welkom. Een Duitse gezin met twee kinderen – ze staan op een camping verderop. Een echtpaar uit Amsterdam met kleindochter, een roedel jongetjes van een jaar of tien in gele T-shirts van het Ninja zomerkamp. In Noord-Holland is de zomervakantie net begonnen. Voor een maandagochtend is het druk. Op weekenddagen, zegt Joke Winder, heb je zo duizend bezoekers per dag.

Het bezoekerscentrum in Schoorl. Foto Olivier Middendorp

Via de grote glazen achterwand van de brasserie zie je de natuur al liggen. Sinds natuurbeheerders in 1997 wind, water en zee vrij spel gaven is er strandbiet gaan groeien, zilt torkruid en gewortelde champignonzwam. Vervolgens zijn de bontbekplevier en de rugstreeppad er komen wonen. Zeven dagen per week kunnen de vrijwilligers van het buitencentrum daar alles over vertellen, maar vanaf 1 januari 2027 niet meer.