Het WK van 2026 is niet alleen controversieel vanwege het Trump-territorium, maar ook vanwege de historisch hoge prijs van toegangskaartjes. Voor poulewedstrijden zijn ticketprijzen gemiddeld 750 euro, in 2022 nog finaleprijzen. De werkelijke finalekaarten zijn nu minstens tien keer dit bedrag. Het gevolg is dat deze volkssport ontoegankelijk is geworden voor de gemiddelde fan.
Eén van de WK-gastheren, de New Yorkse burgemeester Zohran Mamdani, heeft betaalbaarheid als politiek kernagenda. Je zou dus kunnen verwachten dat hij het WK zou proberen te boycotten. In plaats daarvan prijkten, ter aankondiging van een WK-loterij, vrolijke retro-ogende posters een maand voor het toernooi op bushokjes door de hele stad.
Mamdani had, na maandenlang onderhandelen, concessies los gekregen van FIFA-voorzitter Gianni Infantino. New York mocht duizend tickets voor 50 dollar per stuk verloten. Een gepaste prijs voor een „working class game”, volgens de democratisch socialistische burgemeester. Transport naar het stadion krijg je er gratis bij. Forbes noemde het een „uiterst ongebruikelijke concessie” van FIFA. Mensen voelden zich gesteund én namen vrolijk deel aan de dagelijkse loterij.
Jacob Boersema is socioloog en historicus en geeft les aan New York University. Madeleijn van den Nieuwenhuizen is rechtshistoricus aan de City University of New York.








