Deugden zijn hip, deugden zijn hot. Vooral als ze ontleend zijn aan de respectabele traditie van Aristoteles, de grote Griekse filosoof, of de katholieke metafysicus Thomas van Aquino. In tal van boeken, cursussen en pedagogische instituten worden de deugden die zij onontbeerlijk achtten voor geluk of een geslaagd leven, zoals moed, matiging en praktische wijsheid, aangeprezen en onderwezen. Ook in Nederland staan deugden weer in de belangstelling.
Dat heeft vaak een conservatieve lading. Deugden zouden ons uit het doolhof van het moderne, verbrokkelde individualisme leiden, op weg naar een meer harmonieuze gemeenschap. Politici en intellectuelen van rechtse tot reactionaire signatuur belijden die boodschap, van Rusland en Hongarije tot het rechts-revolutionaire Washington van Trump.
Dat een pleidooi voor deugdzaamheid ook kan zónder conservatisme (of erger), bewijst de Amerikaanse filosoof Krista Lawlor in Being Reasonable, een kort en vlot geschreven pleidooi voor een kardinale burgerlijke deugd, te weten ‘redelijkheid’. Die is verwant aan maar niet hetzelfde als rationaliteit, onderstreept ze, dat is de „blitse neef ervan”. Rationeel handelen, citeert ze psycholoog Steven Pinker, houdt in „kennis gebruiken om je doelen te bereiken”. Het is cognitief, een kwestie van juiste kennis en logisch redeneren.









