Wie het geluk heeft Luka Modric met eigen ogen een hele wedstrijd te kunnen volgen, ziet in eerste instantie weinig bijzonders. De middenvelder van Kroatië lijkt soms wat verloren over het veld te lopen. Hij zwenkt met zijn hoofd, zet steeds een paar stappen naar voren of opzij, of dan weer achteruit. Maar juist in die kleine bewegingen, altijd gedreven door een subliem begrip van wat er om hem heen gebeurt, schuilt zijn klasse: hij speelt zichzelf vrij tussen tegenstanders of voorkomt juist dat tegenstanders naar elkaar kunnen passen.

Modric speelt in Dallas tegen Engeland, het eerste groepsduel van Kroatië dit WK, niet zijn beste wedstrijd. Dat komt ook doordat de Engelsen zijn gevaar erkennen: steeds als de Kroaten de bal hebben, wordt Modric ingesloten door de middenvelders van Engeland.

Dát Modric dit wereldkampioenschap nog actief is, is op zichzelf al bijzonder. Hij is 40 jaar oud, over twee maanden wordt hij 41. Niet lang geleden, pakweg één voetbalgeneratie terug, zou hij daarmee niet alleen een uitzondering zijn geweest op een WK, maar in het professionele voetbal. Voetballers piekten doorgaans in de tweede helft van hun twintiger jaren, waren op hun 32ste ‘routinier’ en rond hun 35ste doorgaans wel afgezwaaid.