Ergens halverwege de documentaire A Plastic Ocean (regie: Craig Leeson) daalt de Amerikaanse mariene bioloog en filmmaker Mike deGruy af in de Middellandse Zee. Op een halve kilometer diepte doemt in het schijnsel van de duikbootlampen de bodem op. Zand. Rotsen. Maar ook: een onderzeese vuilnisbelt van visnetten, autobanden en rafelige stukken plastic zeil. Een octopus heeft zich verschanst in de restanten van een petfles.

Tekst bij het beeld toont ondertussen de weinig vrolijk stemmende feiten. Dat er jaarlijks zo’n acht miljoen ton aan plastic in de wereldzeeën verdwijnt. Of dat de verhouding microplastic-plankton in de westelijke Middellandse Zee inmiddels 1:2 bedraagt.

Slagwerker, componist en instrumentbouwer Rogier de Nijs weet nog goed wat hij dacht toen hij de beelden zag. „Ik was verbijsterd”, vertelt hij medio juni via een videogesprek. „De diepzee is een omgeving waar de mens het zonder bescherming nog geen tien tellen uithoudt. Maar zelfs daar ligt het bezaaid met de resten van onze consumptiemaatschappij.”

De aanvankelijke schok maakte plaats voor inspiratie: de onderzeese vuilnisbelt vormde de kiem voor ‘Deep Sea Moonscape’, een van de tracks van De Nijs’ album Soundtrack of the Plastic Age, waarop louter instrumenten van plastic afval te horen zijn. Wie zelf wil ervaren hoe een petfles-shaker klinkt, of een pvc-marimba, bespeeld met afgedankte slippers: op zaterdag 4 juli staat De Nijs op Wonderfeel in Baarn met de gelijknamige voorstelling die hij rond het album maakte.