Bij zijn kraampje op de fruitmarkt in de wijk Punda in Willemstad stalt de 37-jarige ondernemer Juan Rodríguez de verse mango’s en bananen zorgvuldig uit. Hij is in de vroege ochtend met de boot aangekomen vanuit La Vela de Coro, een havenstadje aan de kust van Venezuela. Op een heldere dag kun je vanaf het strand van Curaçao het Zuid-Amerikaanse buurland dat ongeveer zestig kilometer verder ligt, zien liggen. De twee zware aardbevingen met een kracht van 7,2 en 7,5 die Venezuela woensdagavond lokale tijd keihard troffen, was in Curaçao bij sommige bewoners ook voelbaar, schade op het eiland was er echter niet. Desondanks houdt deze zwaarste aardbeving sinds de vorige eeuw ook op Curaçao veel mensen bezig; op het eiland (ruim 156.000 inwoners) woont een grote Venezolaanse gemeenschap van naar schatting 16.000 mensen.
„Ik heb tot nu toe nog geen nieuws gekregen over naaste familieleden van mij onder de getroffenen”, zegt fruitverkoper Rodríguez, wiens naasten in een regio wonen waar voor zover hij weet weinig schade is. „Maar het doet me pijn dat mijn landgenoten zo hard getroffen zijn. Gebouwen en de huizen kunnen weer opgebouwd worden, want materiaal herstelt zich. Maar het leven herstelt zich niet”, zegt hij.












