‘Dream, baby, dream” – dat is nog eens iets anders dan de strijdkreet waarmee een zeker oranjekleurig heerschap zijn achterban opzweept. Bruce Springsteens opwekkende, hoopgevende song vormt het sluitstuk van F*cking Future van Marco da Silva Ferreira (40), de openingsvoorstelling van Julidans. Het is een uitputtingsslag voor de dansers, acht sexy gladiatoren – mannen en vrouwen – in rugloze maliënkolders met spaghettibandjes en glimmende broeken. Als ze Springsteens tekst zingen hebben zij een uur lang gedanst, aan vier kanten omgeven door het publiek. Startend met kleine, golvende bewegingen, onderbroken door steeds een korte schok, ontvouwt de choreografie zich langzaam, als een minimalistische collage van stijlen op een steeds sterkere beat.

In een café in Montparnasse toont Da Silva Ferreira zich eind mei tevreden over de avond in Chaillot Théâtre national de la Danse in Parijs. „Ik was er niet gerust op. Het was de eerste uitvoering na december [de première was in september 2025], dus het zou misschien niet optimaal zijn. Bovendien spelen we de voorstelling meestal op intiemer locaties én het Parijse publiek geldt als ‘moeilijk’. De respons was gelukkig heel goed.”

Twijfel is de Portugese danser en choreograaf niet vreemd. De weg naar zijn huidige professie kronkelde langs het zwembad, waar hij op hoog wedstrijdniveau zijn jonge jaren doorbracht, via een voltooide studie fysiotherapie en, na het winnen van de Portugese So you think you can dance in 2010, naar de definitieve keuze voor dans. Dansen deed hij sinds zijn zestiende, wat een relatief late start is voor een professionele carrière. Een formele dansopleiding heeft hij niet gevolgd; zijn achtergrond ligt in clubdancestijlen en hiphop (hij was kampioen New style van Eurobattle 2009).