‘Meet Us, Don’t Eat Us’ is al jaren de slogan van walvisorganisaties die protesteren tegen de walvisjacht. Naast Japan en Noorwegen is IJsland het derde land in de wereld waar commerciële walvisvangst is toegestaan in hun eigen zogeheten Exclusieve Economische Zone (en dan is er nog de jacht op grienden bij de Faeröer-eilanden).
De afgelopen twee jaar werd niet op walvissen gejaagd omdat het economisch niet rendabel was, maar deze zomer gaat de jacht weer van start. Langs de kade in de haven van Reykjavik liggen tegenover een bezoekerscentrum en de boten die toeristen meenemen om walvissen te bekijken twee boten van Hvalur, het laatste commerciële walvisvaartbedrijf van IJsland.
De regering gaf toestemming dit jaar 150 vinvissen en 168 dwergvinvissen te doden. Hvalur vaart naar verwachting een dezer dagen uit. De oprichter van de Sea Shepherd Conservation Society, Paul Watson, heeft laten weten dat hij op weg is naar IJsland om de walvisvaarders tegen te houden.
Een opsteker voor wie tegen de walvisvangst is, maar de IJslanders hebben enige reserve. In 1986 liet Watson twee boten zinken die op het punt stonden uit te varen voor de jacht. Dat werd zelfs door de felste tegenstanders gezien als inmenging van buitenaf.











