De menselijke resten werden gevonden in Vráble, een klein Slowaaks stadje. Een studie van de Universiteit van Kiel wijst uit dat de skeletten uit het massagraf zo'n 7.000 jaar oud moeten zijn.
De onthoofde skeletten werden aangetroffen in schijnbaar willekeurige posities, zowel boven op als naast elkaar. Volgens de onderzoekers is er, op een kinderschedel na, geen enkele intacte schedel gevonden.
De kenmerken tonen duidelijk "een opzettelijke manipulatie van de lichamen aan." Toch zeggen de onderzoekers geen bewijs te hebben dat het om gewelddadige onthoofdingen gaat. Het lijkt er volgens hen op dat de schedels vlak na de dood "vakkundig" van de lichamen zijn verwijderd. Waar de hoofden zijn, is niet bekend.
De vondst van de 78 op elkaar gestapelde skeletten in Vráble zou kunnen wijzen op een massamoord, maar volgens de onderzoekers lijkt het erop dat de lichamen opzettelijk op die manier begraven zijn, mogelijk als onderdeel van een neolithische culturele traditie.
De overblijfselen laten mogelijk de "sociale gebruiken" van oude kolonisten zien. Zij bewoonden het gebied rond Vráble van ongeveer 5250 tot 4950 voor Christus, zegt Martin Furholt, hoofdonderzoeker aan de Universiteit van Kiel.











