Dankzij mijn vooruitziende blik, min of meer behorend bij mijn positie, zag ik kans nu al Ronald Koeman, coach van Oranje, te interviewen ná het WK. Het lukte me – ik zeg het er maar even bij voor verbaasde lezers – zonder een beroep te doen op AI.

Hoe kijkt u terug op het toernooi?

Koeman: ,,Met grote voldoening. Als je ziet met welke wanprestaties wij aan deze klus begonnen… een nederlaag tegen Algerije en een moeizame overwinning op Oezbekistan, waar later onze reserves mét Depay en Kluivert zelfs van verloren, dan mag je achteraf héél blij zijn met een finaleplaats. Wie had dat kunnen denken? Dat Donyell Malen de productiefste spits van het toernooi zou worden, dat Summerville zich zou ontpoppen als een gevaarlijker buitenspeler dan Olise, dat Frenkie de Jong en Ryan Gravenberch van onzichtbare middenvelders in de oefenwedstrijden zouden uitgroeien tot oppermachtige spelbepalers?’’

Eerlijk gezegd had ik verwacht dat het zou uitlopen op een roemloze uitschakeling ergens in de achtste finales.

Koeman: ,,Ja, daar zijn jullie van de pers erg goed in: zwartkijkerij. En achteraf alles beter weten, ik noem dat altijd: een Koeman in de kont kijken. Ik heb me daar niks van aangetrokken, daarom zei ik al vooraf: ‘Ik zal geen enkele krant lezen’. Je moet als bondscoach gewoon je eigen spoor volgen. Ik wist dat we die praatjesmaker van een Veerman helemaal niet nodig hadden. Ik wist dat Memphis weer helemaal de ouwe zou worden, eventueel náást Malen in de spits. En ik wist vooral dat alles vanzelf op z’n plek zou vallen als we eenmaal aan de eerste belangrijke wedstrijd, tegen Japan, zouden beginnen.’’