Japan wordt wereldkampioen. Misschien nog niet dit toernooi en misschien ook nog niet over vier jaar. Maar dan toch zeker in 2050. Dat is althans het doel dat de Japanse voetbalbond zichzelf stelde toen het in 2005 een voetbalvisie op papier zette. Binnen een halve eeuw moesten niet alleen tien miljoen Japanners gaan voetballen; het land moest ook de beste van de wereld worden.

Of lukt dat toch dit jaar al? Japan, zei de voorzitter van de voetbalbond eind vorig jaar, „kan de finale van het WK halen”. Bondscoach Hajime Moriyasu deed er een paar maanden later nog een schepje bovenop. „Weinig Japanners denken dat we een kanshebber zijn voor de WK-titel”, zei hij, „maar we zijn een dark horse”.

Nooit reikte Japan op een WK verder dan de achtste finale. Maar de uitspraken van de Japanse voetbaltop onderschrijven de groei die het team de laatste jaren doormaakte. Vier jaar geleden verraste Japan door in de groepsfase Spanje en Duitsland te verslaan, waarna het pas na penalty’s werd uitgeschakeld door de verliezend finalist van vier jaar eerder, Kroatië.

Weinig Japanners denken dat we een kanshebber zijn voor de WK-titel, maar we zijn een dark horse

En in het laatste jaar alleen al won het team oefenwedstrijden van Brazilië en, afgelopen maart als eerste Aziatische land op Wembley, Engeland. Zondag is het in Dallas de eerste tegenstander van Oranje, daarna wachten in de groepsfase nog Zweden en Tunesië.