We moeten veel minder gaan werken. We moeten veel minder rood vlees eten. Er moet een groot nieuw internationaal ‘rechtvaardigheidsfonds’ komen, dat jaarlijks ruim 10 procent van het wereldwijde bbp herverdeelt van rijke naar arme landen. Én er moet een mondiale reservemunt komen.

Dat lijstje ideeën klinkt nogal ambitieus, om niet te zeggen utopisch. Maar ze zijn wel afkomstig van één van ’s werelds topeconomen: Thomas Piketty. Deze donderdag presenteert de 55-jarige Fransman met enkele co-auteurs plannen voor een radicale, alomvattende en tot in de puntjes doorgerekende verbouwing van de wereldeconomie.

Hun doel: aan het einde van deze eeuw moeten twee van de grootste uitdagingen voor de mensheid zijn beteugeld. De enorme ongelijkheid tussen arme en rijke landen moet goeddeels zijn opgeheven, én tegelijkertijd moet ontwrichtende klimaatopwarming zijn voorkomen. Het staat in het deze donderdag verschenen Global Justice Report van het World Inequality Lab in Parijs, een onderzoeksinstituut waarvan Piketty co-directeur is. Aan het rapport werkten ruim veertig onderzoekers mee.

Thomas Piketty noemt zijn nieuwe voorstellen in een videogesprek met NRC „helemaal niet zo radicaal”. Vanuit zijn met boeken gevulde werkkamer in Parijs noemt hij „de problemen waar de wereld voor staat gewoon heel complex”.