Toetsen zouden in het basis- en voortgezet onderwijs minder vaak moeten meetellen bij rapporten, diploma’s, toelating tot de school of overgang van leerlingen. Dat adviseert de Onderwijsraad donderdag in het rapport Kijk anders naar toetsing. In plaats daarvan zouden toetsen vaker ingezet moeten worden om te helpen bij het leren, zonder dat daar al te veel vanaf hangt. Bij veel scholen vraagt dit om een „cultuuromslag”, schrijft de raad in het advies, „omdat zij op een andere manier naar toetsing moeten gaan kijken”.
De Tweede Kamer vroeg de Onderwijsraad met een advies te komen over de toetscultuur in het onderwijs, met het oog op de vernieuwingen van de ‘kerndoelen’ en ‘eindtermen’ voor het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs. Deze worden voor het eerst in bijna twintig jaar herzien, een conceptversie van de nieuwe doelen ligt inmiddels bij de Eerste Kamer. De Onderwijsraad boog zich over de vraag welke rol toetsen moeten spelen voor de nieuwe kerndoelen en eindtermen voor het onderwijs.
Tegen de tijd dat leerlingen het voortgezet onderwijs afronden, hebben zij een groot aantal toetsen gemaakt, „doorgaans honderden”, schrijft voorzitter van de Onderwijsraad Louise Elffers, tevens bijzonder hoogleraar Kansengelijkheid in het Onderwijs aan de Universiteit Utrecht, in het voorwoord van het advies.












