De minister zat er in Tijd voor MAX ontspannen bij. Begrijpelijk, ze zat niet tegenover een onderzoekscommissie op zoek naar snode voornemens tot geniepige politieke chicanes. Ze zat aan een tafel gevuld met mensen die blij waren met haar komst. Onder wie natuurlijk de directeur van het Nederlands Instituut voor Beeld & Geluid, Eppo van Nispen. Minister Rianne Letschert (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, D66) gaf gewicht aan zijn traktatie voor de Nederlandse samenleving: het online zetten van meer dan 700.000 radio- en tv-programma’s. De presentatoren waren blij omdat de minister gewicht gaf aan hun „speciale uitzending” rond de lancering van deze „schatkamer”. En de rest was blij omdat ze fragmenten mochten opvragen.
Dit alles ter viering van 75 jaar televisie in Nederland. De minister liet dr. Clavan zien, uit Van Kooten en De Bie. We hoorden hoe de Oost-Europa-kenner in zijn antwoord louter en alleen de vraag herhaalde en Letschert reageerde, zonder vraag: „Iets dat politici ook vaak doen.”
Van Nispen liet de maanlanding zien. Hij vertelde daar zo enthousiast over dat het presentatieduo slechts schuchter het knullige durfde te benoemen. Toch was het ook Van Nispen die opmerkte, als enige en volkomen terecht, dat wie oude televisie kijkt ook tot de conclusie komt dat „vroeger niet alles beter” was. Ernaar kijken is iets anders dan erover mijmeren.













