H et heet ‘den’ halen: een ritueel in het Zuid-Limburgse dorp Banholt dat meer dan een halve dag duurt en draait om een dennenboom. Om zes uur ’s morgens wordt de den van vorig jaar neergehaald en opgeruimd. Om half acht trakteert meneer pastoor het bestuur van de jonkheid – de club van ongetrouwde mannen uit het dorp – op spek en ei.
Daarna gaan die jonge kerels het bos in voor een nieuwe fijnspar van pakweg dertig meter hoog. Die tocht duurt tot zeker het einde van de middag, ook omdat onderweg op diverse plaatsen stevig wordt gedronken. Tegen zevenen krijgt de boom zijn plekje in hartje Banholt. Het rechtzetten van dit vruchtbaarheidssymbool is aan de getrouwde mannen.
Op buitenstaanders komt het den halen wellicht over als een vreemd gebeuren, in een deel van het Limburgse Heuvelland is het een gekoesterd evenement. Het gebruik staat bovendien op de Unesco-lijst van beschermwaardig immaterieel erfgoed. Daartegenover staan zorgen bij terreinbeheerders in de regio, zoals Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en Limburgs Landschap.
De tocht met trekpaarden en den door Banholt. Foto Merlin Daleman
Staatbosbeheer kondigde vier jaar geleden al aan niet langer toestemming te geven voor het den halen. Bijna alle bossen van Staatsbosbeheer liggen in Natura2000-gebied. Fijnsparren worden daar steeds schaarser doordat wordt toegewerkt naar gevarieerde loofbossen. Bovendien vreet een oprukkende kever, de letterzetter, steeds meer bomen aan.














