„Verschil in levensverwachting tussen lage en hoge inkomens is verder gestegen”, constateren onderzoekers van Tilburg University in 2018. „Welvarendste mannen leven negen jaar langer dan minst welvarende”, meldt statistiekbureau CBS in 2022. Kinderen van arme ouders hebben een tien jaar korter leven voor zich dan kinderen van rijke ouders, blijkt uit een maatwerktabel die het CBS onlangs heeft gepubliceerd.
Al jaren voert de overheid beleid om de ongelijkheid in gezondheid en levensverwachting te verminderen. Zo staat in de agenda voor de topsector Life Sciences & Health dat in 2040 de verschillen tussen de laagste en hoogste inkomensgroepen met 30 procent moeten zijn afgenomen. Desondanks zijn die verschillen, zo verzuchtte de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving (RVS) in 2020, „de afgelopen decennia eerder groter dan kleiner geworden”.
De jongste CBS-cijfers laten zien dat de levensverwachting van de laagste inkomensgroep nog verder is afgenomen, terwijl die van de hoogste inkomensgroep is gestegen. Bij het aantal gezonde levensjaren is de kloof nog veel sterker – meer dan twintig jaar tussen de rijkste en armste mannen. Hoe komt het dat een groot deel van de bevolking nog verder achterop raakt, ondanks programma’s om bijvoorbeeld mensen meer te laten bewegen en gezonder te laten eten?










