Op de vergadering van BRICS, dit weekend in New Delhi, komen vertegenwoordigers van de elf aangesloten landen bijeen om te praten over onderwerpen zo uiteenlopend als het wegnemen van onderlinge handelsbelemmeringen, het versterken van toeleveringsketens en de risico’s van klimaatverandering. Ogenschijnlijk is het een gewichtige bijeenkomst, maar toch zullen de meeste ogen op een andere ontmoeting zijn gericht.
De BRICS-landen vertegenwoordigen weliswaar bijna de helft van de wereldbevolking, 30 tot 40 procent van de wereldeconomie en twee van de vijf permanente leden van de VN-veiligheidsraad, maar op de top worden geen grote beslissingen verwacht. Hoewel de BRICS-leden hun weerzin delen tegen de dominantie van westerse landen in internationale instituties, denken ze daarvoor te verschillend over belangrijke geopolitieke kwesties – zoals de oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten. Nog maar kort geleden bestookte BRICS-lid Iran mede-BRICS-leden Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten met drones.
Kansrijker lijken beperkte economische initiatieven die op de agenda staan, zoals de oprichting van een innovatiefonds voor startups en een kennisbank rond nieuwe technologie.
Lees ook










