PISA onderzoekt elke drie à vier jaar onder meer de leesvaardigheid van middelbare scholieren in ruim negentig landen. De leesscores daalden in Nederland al jaren en waren reden voor allerlei investeringen in het leesonderwijs, maar die hebben het tij dus (nog) niet kunnen keren.
Althans: in elk geval niet voordat de 6.600 vijftienjarigen in de lente van 2025 de recentste PISA-toets op school maakten. De vandaag bekendgemaakte scores zijn dus al van ruim een jaar geleden.
De leesresultaten van vandaag zijn in niets te vergelijken met die van enkele decennia geleden. In het PISA-onderzoek van 2003 haalde slechts een op de negen Nederlandse scholieren het minimaal benodigde leesvaardigheidsnivau niet. In 2018 was dat een op de vier en inmiddels schiet meer dan een op de drie leerlingen tekort.
Dat betekent niet dat al deze leerlingen laaggeletterd zijn, benadrukt PISA-onderzoeker Joyce Gubbels in een toelichting. "Ze kunnen lezen, informatie opzoeken en een hoofdgedachte herkennen in een tekst. Maar ze vinden het moeilijk om daar vervolgens conclusies aan te verbinden."
Stel dat deze scholieren een brief van de gemeente krijgen waarin staat dat ze een geldbedrag moeten overmaken, dan zullen ze dat begrijpen. Maar als in de brief verschillende situaties met verschillende geldbedragen staan omschreven, dan zullen ze het lastig vinden om hun eigen situatie te herkennen en daarop de juiste actie te ondernemen.











